56_2024-2025/24 - Verbod op de verkoop van vuurwerk en rotjes aan particulieren
Pétitions
56_2024-2025/24 - Verbod op de verkoop van vuurwerk en rotjes aan particulieren
Aan de Kamer wordt gevraagd een verbod in te stellen op de verkoop van vuurwerk en rotjes aan particulieren.
Dit initiatief is beantwoord:
Tijdens haar vergadering van 21 oktober 2025 heeft de commissie voor Verzoekschriften deze petitie overgezonden aan de commissie voor Economie, Consumentenbescherming en Digitalisering en aan de vice-eersteminister en minister van Werk, Economie en Landbouw.
Antwoord van de vice-eersteminister en minister van Werk, Economie en Landbouw (03/02/2026)
Ik heb kennis genomen van het verzoekschrift dat de heer Macca ingediend heeft bij de Kamer van volksvertegenwoordigers om te pleiten voor een verbod in België van de verkoop van vuurwerk aan particulieren.
Daarin wordt vermeld dat het vuurwerk dat gebruikt wordt door particulieren jaar na jaar gevaarlijker wordt, dat het schadelijk is voor huisdieren en wilde dieren, en dat het soms zelfs wordt gebruikt om de ordediensten of de brandweer en ambulanciers aan te vallen.
Daarom wordt een totaalverbod gevraagd in België op de verkoop aan particulieren, alsook een verbod op het bezit ervan door particulieren.
Ik betwist niet dat sommige pyrotechnische artikelen die door het gebruik dat particulieren ervan maken, schade kunnen toebrengen aan anderen. Dat is ook het geval voor andere producten die vrij verkocht worden op de markt. Als minister van Economie vind ik het belangrijk te benadrukken dat vuurwerk al gereglementeerd is op Belgisch niveau voor wat betreft het op de markt brengen, fabriceren, opslaan, onder zich houden, verkopen, vervoeren en gebruiken van springstoffen.
Deze regelgeving steunt op een Europese richtlijn die minimumvereisten vastlegt. De regelgeving voorziet al in een onderscheid naargelang er wordt verkocht aan particulieren of professionelen. Dit punt wordt geregeld in het koninklijk besluit van 23 september 1958 houdende algemeen reglement betreffende het fabriceren, opslaan, onder zich houden, verkopen, vervoeren en gebruiken van springstoffen, en het koninklijk besluit van 20 oktober 2015 betreffende het op de markt aanbieden van pyrotechnische artikelen.
De categorieën pyrotechnische artikelen die toegankelijk zijn voor het grote publiek zijn al beperkt in functie van hun gevaarlijkheid. Elk verbod op producten die op de markt worden aangeboden, moet proportioneel en correct gemotiveerd zijn. Een koninklijk besluit dat werd aangenomen door de vorige minister van Economie werd trouwens vernietigd door de Raad van State omdat de nieuwe verboden die het introduceerde onvoldoende proportioneel en gemotiveerd leken.
Ik heb het initiatief genomen om aan mijn administratie te vragen een nieuw ontwerp van koninklijk besluit voor te stellen dat beter gemotiveerd en proportioneler is, met het oog op het voorkomen van de oneigenlijke aanwending van pyrotechnische artikelen voor het grote publiek. Het ontwerp ligt momenteel voor advies bij de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven. Het voorziet een totaalverbod op de verkoop aan particulieren voor de pyrotechnische artikelen van de categorieën F3 en T1 en voor de artikelen van de categorie P1, zijn specifieke subcategorieën verboden. De verboden richten zich op artikelen die bijzonder vaak misbruikt worden bij rellen, onder andere voor vandalisme, brandstichting en aanvallen tegen de ordediensten. Het gaat dan in het bijzonder over fakkels, Bengaals vuur, pyrotechnische rookgeneratoren en knalvuurwerk met een grotere springlading dan redelijkerwijze aanvaard kan worden voor particulier gebruik.
Het loutere verbod van de verkoop van pyrotechnische artikelen in België staat dus niet op de agenda.
Bovendien zou een gewoon verbod op de verkoop aan particulieren op het niveau van de Belgische markt particulieren ertoe aanzetten om producten te gaan aankopen bij onze buren of om online producten aan te kopen die elders wel toegelaten zijn, waardoor wij nog minder grip zouden hebben op wat er op de markt circuleert.
Ik wil benadrukken dat de lokale en provinciale overheden maatregelen kunnen nemen, zoals tijdelijke verboden tijdens de eindejaar periode, om de openbare veiligheid te vrijwaren, brandrisico’s te voorkomen, overlast voor mens en dier te beperken en de openbare rust te garanderen.
David CLARINVAL
Deel: